Als individuutje op deze wereld is het meer dan eenvoudig om deel uit te maken van het geheel. Sterker, het is vrijwel onontkoombaar om er deel van uit te maken. Niet alleen wordt je continu geconfronteerd met visies, meningen en zogenaamde waarheden van anderen, nee, er wordt ook nog eens impliciet en expliciet gevraagd om er zelf een visie of mening op na te houden. ‘t liefst eentje die die van een ander bevestigt zodat dat beeld meer bestaansrecht verkrijgt.
Vele beelden worden gemaakt en bestaan slechts bij de gratie van de bedenkers en diegenen die haar volgen. Of het nu om Al qaida, een financiële crisis of vreemde griepsoorten gaat, er is een beeld geschapen en er zijn volgers vanuit verschillende motieven. De één ziet er een individueel voordeel in, de ander wil graag dat het beeld verdwijnt omdat het wat angst inboezemt. Dit maakt een massa volgers van die beelden eigenlijk tegenstanders van het originele beeld, de massa wil geen terorristen, financiële sores of griep. Het beeld zou beter kunnen verdwijnen.
Een blikje in het brein op basis van wat 9-11 zaken.
Een samenleving heeft regels nodig, een veelgehoorde uitspraak en een dusdanig vast anker voor velen dat het iedere discussie uitsluit. Zelfs het ontkennen van de holocaust heeft nog meer kans om een bestaansgrond te krijgen dan het feit dat een samenleving kan en zou moeten bestaan zonder regels.
Zou dit artikeltje natuurlijk niet schrijven als ik het eens zou zijn met de normaal voorgestelde stelling dus hier gaan we: een samenleving heeft geen regels nodig. Geen regels die je vertellen wat je wel of niet mag, geen regels die je vertellen wat je zoal moet doen of laten, geen regels die je beperken en ook geen regels die een ander het vermeende recht geeft regels te verzinnen.
Een veelgebruikte uitspraak in perspectief, of iets logisch is of niet schijnt belangrijk en een drijvende kracht achter iedere stelling te zijn die uiteindelijk tot één van de twee uitersten, goed of fout, leidt. Een redeneerwijze die reflectie op de actie of gedachte lijkt in te houden maar veelal een eenvoudig gebaand pad blijkt te zijn, sla een willekeurige weg in en je komt uit waar de weg naar toe leidt.
Ik denk dus ik besta, cogito ergo sum, een uitspraak van René Descartes die meer waarheid en onzin lijkt te bevatten dan zo op het eerste gezicht lijkt. Uitgesplitst levert het ‘ik’, ‘denken’ en ‘bestaan’ op.
Ik denk dat ik besta
Omdat ik denk besta ik
Denken zorgt voor bestaan
Denken is een activiteit, zou er zonder denken een bestaan zijn? Zou er zonder denken een ‘ik’ kunnen zijn? Als er geen ‘ik’ zou zijn zonder te denken, wie moet er dan denken? Wie kan er zeggen ‘ik ben’ behalve ‘ik’? Om een heel lang verhaal iets korter te maken lijkt het erop dat we onszelf bedenken.
Een blik op denken, tijd en haar invloed.
volgende berichten »« vorige berichten